|
Repatriëren
en inburgeren in Brabant
In
Gemert werd iets bijzonders verricht …(deel
2)
Burgemeester en wethouders van het Brabantse
dorp Gemert gaan in 1950 in op het regeringsplan van minister In ’t
Veld dat stelt dat voor elke woning die gebouwd wordt voor een Indische
repatriant, er een woning gebouwd mag worden voor de eigen inwoners
plús 25% extra. Dit besluit heeft verstrekkende en veelal positieve
gevolgen gehad.
Voordeel middenstand
Burgemeester De Bekker praat als Brugman om de raad over de streep
te trekken. Hij wijst op de morele plicht om de Indische bevolkingsgroep
te helpen. “In de achter ons liggende jaren hebben deze mensen
in erbarmelijke omstandigheden geleefd, vooral ten tijde van de Japanse
bezetting van Indonesië toen ze allen in de beruchte kampen moesten
verblijven, waar de toestanden veel erger waren dan destijds in de
kampen van onze Duitse bezetters in Vught en Amersfoort. Have en goed
hebben ze verloren en komen volkomen berooid hier aan.” De burgervader
heeft nog zwaarwegender argumenten. Materiële weliswaar, maar
toch. De Indische gezinshoofden hebben
allemaal een dienstverband met het Ministerie van Oorlog. Zij zijn
dus geen concurrenten op de krappe arbeidsmarkt. Wat nog veel belangrijker
is: zij hebben een vast salaris en dat gaan zij vooral lokaal besteden.
Dat is mooi voor de Gemertse winkeliers. En wat goed is voor de middenstand,
is goed voor Gemert. De detailhandel weet ook heel goed, dat de Indischen
niets meer bezitten. Zij zijn ervan op de hoogte, dat zij daarom een
lening krijgen om een huis in te richten en de noodzakelijke kleding
te kopen. Een flink bedrag ineens variërend van 1400 tot 3600
gulden afhankelijk van de grootte van het gezin. Als zij het slim
aanpakken en eendrachtig samenwerken, zullen de Indischen vast en
zeker hun spullen bij de plaatselijke middenstand kopen. Tel uit je
winst.
Katholiek
De raadsleden hebben wel oren naar gemeentelijk koopkrachtstijging,
maar ze hebben ook de nodige bedenkingen. Vreemde mensen brengen vreemde
gewoontes mee en zijn ze allemaal wel katholiek? De burgemeester over
de Indische nieuwkomers: “ Ze zijn beschaafd, over het algemeen
goed ontwikkeld, doch enigszins terughoudend en bescheiden. Men moet
hen echter niet beschouwen als ‘bruine broeders’, want
ze voelen zich volbloed Nederlanders en wellicht zelfs nog meer dan
wij”. Hij zal zijn best doen om alleen katholieke Indischen
naar Gemert te krijgen, maar garanderen kan De Bekker niets. Men hoeft
zich overigens geen zorgen te maken, want er zal een aalmoezenier
meekomen en een extra maatschappelijk werkster op ’s rijks kosten.
Eerste Indischen
De raad gaat overstag. Als een van de eerste gemeenten in Nederland
en de allereerste in de provincie Noord-Brabant ontvangt Gemert de
bouwvergunning. In februari 1951 komen de eerste tien KNIL-gezinnen
in de Wassenaarstraat op de Molenakker te wonen. In een splinternieuwe
wijk bestaande uit rijtjeshuizen. Lange blokken arbeiderswoningen
ontworpen door gemeenteambtenaar Spildoorn. Op 19 februari ontvangen
de families Bommel, Dumasy, Falkenburg, Filon, Firing, De Haas, Meekelenkamp,
Mezach, Van Muijen en Van Munster de sleutel. De Gemertse middenstand
heeft goed geluisterd. Nog tijdens de bouw richt zij drie modelwoningen
compleet in. De toekomstige Indische inwoners gaan kijken en bepalen
welke inrichting het wordt. Alles wordt uiteraard geleverd door plaatselijke
bedrijven. Het leidt er wel toe, dat de inrichting bij de Indischen
er overal nagenoeg hetzelfde uitziet.
.jpg) 
Plaatsingsschema
Het college van B & W, bestaande uit burgemeester De Bekker en
de wethouders Jan van Berlo en Toon Jaspers, is zich ervan bewust,
dat het een grote groep mensen binnenhaalt met een heel andere culturele
achtergrond. En dat niet alleen. Ze zien er ook nog anders uit. Ze
zijn bruin. De meeste Gemertenaren anno 1950 hebben niet eerder kleurlingen
in levende lijve gezien en er al zeker niet mee te maken gehad. Zij
kennen wel de zwartwitte missiefilms van de paters van het kasteel
en veronderstellen dat de repatrianten ook zo primitief zijn als de
mensen onder wie de missionarissen hun werk doen.
Om problemen voor te zijn en de integratie soepel te laten verlopen,
nemen B & W een aantal maatregelen. De meest opvallende is het
plaatsingsschema. Gemertenaren en Indischen krijgen een huis zodanig
toegewezen, dat een Indisch gezin zowel Gemertse als Indische buren
heeft. Het heeft wonderwel gewerkt. Buren komen al snel bij elkaar
over de vloer. Gewoon achterom. Je hoeft maar over een lage afscheidingsdraad
te stappen, want hoge schuttingen bestaan nog niet. Ze gaan bij elkaar
op de koffie, laten elkaars eten proeven. Moezepetazzie met worst
in ruil voor nasi goreng met sambal. Voor de kinderen maakt het niet
uit wie of wat de buren zijn. Verschillen in culturele achtergrond
of huidskleur zijn voor hen geen thema. De jeugd speelt en ravot en
vecht en vrijt met elkaar zonder aanzien des persoons.
.jpg)
Rob de Haas (Batavia 1948)
Literatuur:
Robert Armand de Haas, Enkele reis Indië-Gemert. De vestiging
en integratie van Indische Nederlanders in de Noord-Brabantse gemeente
Gemert, Gemert 2001. Bijdragen tot de geschiedenis van Gemert
nr. 28. ISBN 9073621194.
Ga terug naar de eerste aflevering van In
Gemert werd iets bijzonders verricht …
Ga
terug naar de derde aflevering van In
Gemert werd iets bijzonders verricht...
|