Oorlog
en bersiap |
Birma-Siam spoorlijn en de Pakan Baroe spoorlijn
(7)
Studiemiddag met Rod Beattie,
Bronbeek 6 oktober 2010
door Humphrey de la Croix
Op uitnodiging van SHBSS kwam op 6 oktober 2010 Rod Beattie, de Australische
conservator van het Thailand-Burma Railway
Centre (TBRC) in Kanchanaburi, Thailand een presentatie houden en informatie
uitwisselen. De studiemiddag vond plaats in het museum van Militair Tehuis Bronbeek
te Arnhem. Rod Beattie geldt al jaren als dé authoriteit ter plaatse
en daarbuiten van de Birma-Siam spoorlijn.
Wie is Rod Beattie?
Hij is van oorsprong een Australische civiel ingenieur, die
achtereenvolgens gewerkt heeft in o.a. het leger, bij een mijnbouwbedrijf, als
projectmanager van het Hellfire Pass Museum Project en heden als manager en
curator van het Thailand-Burma Railroad Center (TBRC). Het was pas in 1989 dat
hij in Kanchanaburi terecht kwam. Beattie voerde een opdracht uit voor het mijnbouwbedrijf
waarvoor hij werkte. Het duurde tot 1994 dat hij zich bezig hield met de Birma-Siamspoorlijn;
het jaar daarop was hij na in beeld te zijn gekomen bij de Britse oorlogsgravenorganisatie
Commonwealth War Graves Commission
(CWGC), voor deze organisatie aan het werk als manager in Thailand. Als
ingenieur pakte hij het in beeld brengen van de inmiddels grotendeels overwoekerde
spoorlijn aan door op lokatie het fysiek aan te pakken. Hij moest letterlijk
weer een deel van het werk van de spoorwegwerkers doen, namelijk de begroeiing
weghalen zodat de lijn werd blootgelegd. De Australische 'bushman' in hem kwam
weer naar boven. Rod Beattie's idee was dat de route van de spoorlijn eerst
exact diende te worden vastgelegd. In ruim tien jaar is dat ook gelukt. Een
tijdens dat zoeken naar de lijn stuitten ze op vondsten zoals persoonlijke voorwerpen
van de voormalige werkers, maar ook restanten van lichamen, resten van kampen
en andere.
De volgende fase was het in kaart brengen van het gehele tracé, de stationslokaties,
de kampen en andere markante en betekenisvolle punten. Gestaag resulteerde dit
in een volledig overzicht. Beattie werd steeds meer gegrepen door het streven
alle ins and outs van de spoorlijn te zoeken en te documenteren. Het volgende
stadium was het verzamelen van de verhalen van de werkers aan de lijn: zeg,
het "aankleden" van de geschiedenis. Al gauw had Beattie gezien dat
op enige boeken, artikelen en een film na, er weinig bekend was over de Birma-Siamspoorlijn.
Als logisch vervolg op zijn werkzaamheden startte op zijn initiatief in 2001
de bouw van het huidige museum in Kanchanaburi. Het gebouw werd geopend op 20
januari 2003 en het is een eigentijds, interactief museum geworden met alle
moderne faciliteiten die de bezoeker van nu gewend is. Het museum is een geheel
particulier initiatief en bedruipt zichzelf met de opbrengst van de bezoekers
en donaties van derden. Het Thai-Burma Railway Centre vervult een belangrijke
rol in het ontsluieren, bewaren en doorgeven
van
de geschiedenis van de spoorlijn. Een belangrijke collectie is de database met
de namen en andere gegevens van de werkers die het leven lieten bij de aanleg
van de lijn. Het maakt het mogelijk voor nabestaanden hun familielid op waardige
wijze te gedenken en er op eigen wijze afscheid een betekenis aan te geven.
Het museum helpt ook publicisten, documentairemakers en onderzoekers met scripties,
promotie-onderzoeken en de bedevaart naar de spoorlijn. Rod Beattie is dus curator
en onderzoeksleider van het het Thai-Burma Railway Centre en Terry Manttan,
eveneens een Australiër, is belast met het dagelijkse management.
Koningin Beatrix en prins Willem-Alexander
worden rondgeleid door Rod Beattie in het
Thai-Burma
Railway Centre in
(2004)
Bron
foto: Oorlogsgravenstichting. Zie ook: www.ogs.nl
Naast het Thai-Burma Railway Centre is er een ander museum: het Hellfire Pass
Museum, dat op 24 april 1998 door premier John Howard van Australië werd
geopend. Beide musea vullen elkaar goed aan in hun streven naar het bekendheid
geven aan de spoorlijn en het documenteren van informatie.
Op
19 januari 2010 werd Rod Beattie vanwege zijn verdiensten benoemd tot Ridder
in de Orde van Oranje-Nassau. Hij kreeg de onderscheiding uit handen van de
Nederlandse ambassadeur in Thailand, Tjaco van den Hout. Eerder, tijdens haar
staatsbezoek in 2004, leidde Beattie koningin Beatrix en kroonprins Willem-Alexander
rond in zijn museum. Daarmee zijn zij tot op heden nog steeds de enige royalty
die het museum hebben bezocht.
Rod Beattie is daarmee op passende wijze beloond voor zijn niet aflatende inspanningen
om de Birma-Siamspoorlijn weer in het historische bewustzijn een blijvende plaats
te geven. Veel nabestaanden hebben aan deze inspanningen te danken dat ze hun
familielid konden traceren.
19
januari 2010: Ridder in de Orde van Oranje Nassau Rod Beattie
Foto: een van zijn drie dochters en de Nederlandse ambassadeur
Bron foto: Oorlogsgravenstichting. Zie ook: www.ogs.nl
Bezoek
aan Nederland: studiemiddag ('meet and greet') in Bronbeek, 6 oktober 2010
Als tussenstop van Thailand naar Engeland deed Rod Beattie begin oktober Nederland
aan. Op uitnodiging van de Stichting
Herdenking Birma-Siam Spoorweg en Pakan Baroe Spoorweg (SHBSS) was hij de
hoofdgast van een studiemiddag. Rod Beattie hechtte er veel waarde aan om mensen
te ontmoeten die actief wat doen met de geschiedenis van de spoorlijn. Namens
IndischHistorisch.nl ben ik deelnemer geweest aan de middag. Voorzitter Lody
Pieters van SHBSS was de gastvrouw van de bijeenkomst waar onder anderen aanwezig
waren bestuursleden en medewerkers van SHBSS, fotograaf Raoul Kramer (boek:
'Lost
Track' en expositie 'Sporen van het verleden'), Monique Kreefft (boek 'Birma
spoorweg. Een visuele herinnering'), Yvonne van Genugten (directeur Indisch
Herinneringscentrum Bronbeek), regisseur en kunstenares Monique Verhoecks
(filmdocumentaire 'De Schattenberg'), Sander Broekroelofs (boek 'Spoorzoeken.
Zoektocht naar sporen van mijn vader bij de Thai-Birma spoorlijn') en zijn zoon
Erik.
In
zijn presentatie zette Rod Beattie uiteen dat voorafgaand aan het geschiedschrijven,
hij meer dan 15 jaar bezig is met het in kaart brengen van de gehele spoorlijn
plus de daarbij behorende detailgegevens. Hij deed daarvoor letterlijk werk
in het veld, of beter gezegd in het door oerwoud overwoekerde "veld".
Interessant was zijn ervaring dat veel bezoekers die hun familielid zochten
en meer wilden weten over waar hij had gewerkt, met wie en dergelijke vragen,
soms met gegevens kwamen die geheel niet klopten. Zo bleek bijvoorbeeld dat
dan de betreffende persoon niet aan de spoorlijn tewerk was gesteld. Het ging
Beattie dus om discrepanties tussen feit en herinnering, die soms als het ware
door de persoon of nabestaanden was "gemaakt". De vraag is of de spoorlijn
een soort verwijzing was voor veel personen die erg hadden geleden onder het
Japanse juk? Birma-Siam als metafoor voor onverdraaglijk lijden, vernedering
en ontmenselijking.
Rod Beattie in Nederland als gast van SHBSS, 6 oktober
2010
Foto: Gerard de Bruijn
De ingenieur Beattie volgde als werkwijze instinctmatig die van "de mouwen
opstropen", maar had wel degelijk als perspectief dat uiteindelijk de menselijke
kant, het persoonlijke verhaal van de spoorwegwerkers, het belangrijkste was.
Natuurlijk
was het blootleggen en documenteren van de spoorweg ingenieurswerk, maar dan
wel met het doel de omgekomen werkers en de overlevenden de eer te geven die
ze menselijkerwijs hebben verdiend.
Uit Beattie's verhaal kwam overtuigend naar voren welke enorme kennis hij inmiddels
heeft opgebouwd over de spoorlijn. Zowel over de technische en materiële
kant als wat betreft de informatie over wie de werkers waren, waar ze hebben
gewerkt en onder welke omstandigheden. De concrete resultaten zijn de kaarten
(waaraan welhaast dagelijks nieuwe informatie kan worden toegevoegd) en de database
met persoonsnamen.
De ontmoeting met Rod Beattie was erg inspirerend en zijn inspanningen zijn
indrukwekkend waardoor hij terecht als een kenner en autoriteit geldt op het
gebied van de Birma-Siamspoorlijn. Je zou kunnen zeggen dat zijn streven naar
volledigheid tot de conclusie leidt dat wat er in het Thai-Burma Railway Centre
of bij Rod Beattie niet te vinden is, de moeite van het weten niet waard is.
Als historicus voeg ik een mijzelf zeer aansprekende conclusie aan toe: namelijk
dat Rod Beattie er in geslaagd is van civiel ingenieur zich ook te ontwikkelen
als achtereenvolgens archeoloog (uit- en opgraven van de spoorlijn) en historicus
door met het "opgraven" van de persoonlijke levensgeschiedenissen
voor nabestaanden en iedereen de betekenis van de spoorlijn te geven in het
perspectief van de geschiedenis.
.jpg)
Rod Beattie geeft zijn presentatie in Museum Bronbeek, 6 oktober 2010. Links
van hem: Lody Pieters en Erik Broekroelofs
Foto: Will de Bruijn
.jpg)
Na afloop van de studiemiddag een informeel
samenzijn in de Kumpulan van Militair Tehuis Bronbeek
Foto: Gerard de Bruijn
Informatie over het
Thailand-Burma
Railway Centre
Het
TBRC (www.tbrconline.com) beschikt over een databank met gegevens over de circa
2800 Nederlandse slachtoffers. Nabestaanden kunnen bij TBRC kosteloos een foto
van de grafsteen van van hun familielid opvragen (admin@tbrconline.com).
Contactgegevens:
T.B.R.C. Co., Ltd
73 Jaokannun Road,
BanNua,
Amphoe Muang,
Kanchanaburi 71000
Thailand
Managing Director: Rod Beattie
General Manager: Terry Manttan
Telefoon: (00)-66 34 512721
Fax: (00)-66 34 510067
e-mail: admin@tbrconline.com